In Nederlandse huizen kom je vooral twee soorten kakkerlakken tegen: de Duitse en de Oosterse. Ze lijken op elkaar, maar leven op andere plekken. Wie weet welke soort het is, weet ook waar het nest zit.

Het verschil in het kort

Duitse kakkerlakOosterse kakkerlak
Grootte1 tot 1,5 cm2 tot 3 cm
KleurLichtbruin, twee donkere strepen achter de kopDonkerbruin tot zwart, glanzend
WaarWarme keuken: achter koelkast, vaatwasser en fornuisKoel en vochtig: kelder, kruipruimte, afvoer
KlimmenKlimt makkelijk, ook tegen gladde wandenKlimt slecht tegen gladde wanden
VoortplantingSnel, veel eitjes per pakketjeTrager

De Duitse kakkerlak

De Duitse kakkerlak is de bekendste plaag in woningen en bedrijfskeukens. Hij is klein, lichtbruin en herkenbaar aan twee donkere strepen achter de kop. Hij houdt van warmte en zit daarom vaak achter en onder apparaten: koelkast, vaatwasser, oven, koffiezetapparaat. Het vrouwtje draagt haar eipakketje mee tot vlak voor het uitkomen. Daardoor groeit een plaag snel.

De Oosterse kakkerlak

De Oosterse kakkerlak is groter, donker en glanzend. Hij houdt van koele, vochtige plekken: de kelder, de kruipruimte, rond afvoeren en in de meterkast. Hij komt vaak binnen via de kruipruimte of het riool en zit dus vaker beneden in huis.

Twijfel je? App ons een foto, dan zeggen wij wat het is.

WhatsApp

Tekens van kakkerlakken

  • Ze rennen weg als je ’s avonds het licht aandoet
  • Zwarte keutels van ongeveer 1 mm, als peper of koffiedik
  • Bruine, langwerpige eipakketjes van bijna 1 cm, met 15 tot 40 eitjes per pakketje
  • Lege vervellingshuidjes in hoeken en kieren: een kakkerlak vervelt 6 tot 8 keer voordat hij volwassen is
  • Een muffe, zoetige geur in afgesloten kastjes

Zie je er overdag een? Dan zijn er meestal veel meer.

Hoe komen ze binnen?

Kakkerlakken komen vaak mee in dozen, tassen of tweedehands apparaten. De Oosterse kakkerlak komt ook via de kruipruimte of het riool. Eenmaal binnen blijven ze waar eten, water en warmte is. Daarom zitten ze zo vaak rond de vaatwasser, de koelkast en de afvoer: daar vinden ze alle drie.

Wat je nu doet

  1. Laat geen eten, vuile vaat of huisdiervoer staan, ook niet ’s nachts.
  2. Sluit afvalbakken goed af.
  3. Noteer waar je ze ’s avonds ziet; dat helpt ons de schuilplekken te vinden.
  4. Spuit geen spray: dan vluchten ze dieper de kieren in. Lees waarom zelf bestrijden vaak niet werkt.

Hoe wij het aanpakken

We zoeken de schuilplekken, bepalen de soort en zetten gel in op strategische plekken. Zo bereiken we de kakkerlakken waar ze zitten en gebruiken we zo weinig mogelijk middel. Lees alles over kakkerlakken bestrijden.